Wat is een depressie?

foto (17)

De betekenis van depressie.

De meningen over depressie lijken over twee kampen verdeeld. De éne groep meent dat iemand zichzelf maar een schop onder zijn achterste moet geven.

Vooral op scholen is het gebruikelijk om tegen een lusteloze leerling te zeggen: “Ga eens wat doen. Pak je lesboek en ga aan de slag.”
Alles lijkt voor die leerling nog zwaarder te worden (letterlijk). Het contrast tussen wat er verwacht wordt en wat hij/zij aankan, is schril. Bovenop de worsteling met de depressie, moet iemand zwoegen om mee te komen met de klas. Zo wordt iemand steeds meer uitgeknepen. Een luisterend oor is er niet bij. Leerlingen worden benaderd alsof ze lui zijn, in plaats van uitgeput.

Met een beetje pech heeft een kind ouders die niet (willen) zien hoe beroerd hij eraan toe is en hem maar ongezellig vinden.
“Je hangt de hele dag maar op de bank.”
Niet gek dat zo iemand zichzelf waardeloos gaat vinden en niet de kracht vindt om iets positiefs uit het leven te halen en weer op te krabbelen.

De andere visie is dat depressie veroorzaakt wordt door een chemische onbalans. Een bepaald stofje wordt te weinig aangemaakt. Daardoor voel je je niet goed. Daar kun je niets aan doen maar medicatie kan dit weer in balans brengen.
Die tweede visie lijkt vriendelijker, maar dat is misleiding; dat depressie een hersenziekte is die je krijgt of niet.
Het is een industrie in plaats van geneeskunde. Al meer dan een miljoen mensen in Nederland, zitten aan de antidepressiva. De farma-industrie en de psychiatrie bieden (via Internet bijv.) wel ‘objectieve’ informatie aan over wat depressie is en welke hulp iemand nodig heeft.
De bijwerkingen van antidepressiva variëren van overgewicht, emotionele vlakheid, algehele schade aan je gestel tot zelfmoordgedachten. Ook gaat zo’n behandeling totaal voorbij aan de kern. Weliswaar kan een pilletje in sommige gevallen helpen om een moeilijke periode te overbruggen.
Als ik bijvoorbeeld zo’n hoofdpijn heb dat ik niet kan slapen, neem ik ook een paracetamol. Symptoombestrijding weliswaar, maar een goede nachtrust is ook wat waard.
Zou ik me continu beroerd voelen, ga ik wel kijken wat de oorzaak is.

Depressie kan duizenden oorzaken hebben. Iets ingrijpends, zoals een sterfgeval, geestelijke of fysieke mishandeling, seksueel geweld, pesten. Het kan ook voortkomen uit iets minder duidelijks, een vage onvrede. Je hebt alles wat je hartje begeert, maar er is een gevoel van: is dit nu alles? Of de druk vanuit de omgeving ligt net iets hoger dan je vol kan houden, waardoor je langzaam uitgeput raakt. Vooral in situaties die niet aangrijpend lijken, is depressie een sluipend proces, waardoor het lijkt alsof het ‘zomaar’ ontstaat. Het kan ook komen door iets uit het verleden wat je niet hebt verwerkt.
Veel mensen gaan aan de medicijnen omdat ze met hun depressie anderen tot last zijn. En als je de ratrace niet vol kunt houden, val je al snel buiten de groep.

De meeste mensen die het zelf hebben ondergaan zien depressie als een zwart gat, waar ze in gezogen worden. Ze ervaren het als een bedreiging op zich, hoewel het eerder een natuurlijke respons is op omstandigheden. Iemand die grote angst of wanhoop ervaart, gedwongen wordt in een situatie die hij niet aankan, heeft grote kans om depressief te worden. Somber zijn kun je vaak veel langer volhouden dan angst of wanhoop, die je van binnen weg lijken te vreten of tot waanzin te drijven. Veel mensen houden die sombere stemming jarenlang vol en sommigen verbergen het zelfs voor de omgeving.
Ik was ooit helemaal emotioneel labiel. Thuis werd ik steeds op de huid gezeten door mijn vaders vriendin. In het begin kon ik goed met haar praten, vond ik haar een boeiende persoonlijkheid en dacht zij met mij mee. Dat gevoel gaf ze me. Later ging ze zich steeds meer met mijn leven bemoeien, had veel kritiek en probeerde een ander iemand van mij te maken. Meer sociaal aangepast, wat ze zelf helemaal niet is.
Zij beheerde ook mijn Persoonsgebonden Budget. Omdat zij er meer in thuis was dan mijn vader, heeft zij het traject opgestart. Daar heeft ze veel tijd en energie in gestoken. Toch was ze niet tevreden over de begeleiding die ze eerder voor me geregeld had en werkte die begeleidster eruit. Toen stond ik er helemaal alleen voor, want mijn vader met wie ik eerst een hechte band had, praatte steeds vaker zijn vriendin na.
Ik stond op het punt om door te draaien, maar zakte in plaats daarvan weg in een verdoving. Ik voelde veel minder, mijn stiefmoeder kon me minder raken. Het was mijn beste afweer die ik tot mijn beschikking had.
Mijn vader is in zijn relatie ook depressief geworden. Hij kreeg geen lucht, geen bewegingsruimte. Pas toen hij zover was het uit te maken, knapte hij weer op.

Depressief worden getuigt van een zeer dringende behoefte om uit een situatie te komen, of iets te krijgen waar je intens naar verlangt. De toestand dwingt je om het rustiger aan te doen en je terug te trekken.
Iemand die naar de dood verlangt, probeert wanhopig een uitweg te vinden. Het is een verlangen naar een ander leven (soms letterlijk)
Volgens die definitie hebben medicijnen geen enkele zin. Is het een afweer tegen een afweer.
Zo iemand heeft een luisterend oor nodig. Een medemens die hem echt begrijpt en helpt de oorzaak te vinden en de grip op het leven terug te krijgen. Een kind, jongere of volwassene wil gezien en gehoord worden. Dat kan al veel veranderen.
Met iemand opsluiten in een instelling, bereikt men het tegenovergestelde, wat meestal schadelijker is dan helemaal niets doen. Iemand komt terecht in een cirkel van onrecht, onmacht, wanhoop en frustratie. Mensen die blijven tobben zijn vaak beter af dan mensen die in de psychiatrie terechtkomen.

Natuurlijk zijn er mensen die zo ver heen zijn dat ze (tijdelijk) niet in staat zijn voor zichzelf te zorgen, niets meer aankunnen. Vaak willen zij zelf hun ‘vertrouwde’ plek ontvluchten en nergens meer aan hoeven denken.
Soms is het nodig om de situatie te doorbreken. Hersteloorden zonder wachtlijst, waar mensen terecht kunnen. Een toevluchtsoord waar eerlijke en bekwame hulpverleners zijn die echte aandacht hebben voor hun verhaal. Die uitgaan van wat zij nodig hebben, in plaats van een zieke ideologie na te leven. Een luisterend oor en therapie die uitgaat van de mogelijkheden van iemand, die iemand verder helpt in plaats van de problemen verdrukt.
Hulpverlening moet altijd vrijwillig geschieden, tenzij iemand een bewezen gevaar is voor de omgeving.
Meedenken, in plaats van vóór iemand denken, aandacht voor iemands verhaal en samen kijken hoe de omstandigheden veranderd kunnen worden. Hoe kan iemand weer in zijn kracht komen te staan?
Dwang schaadt het vertrouwen van mensen en dan staan ze helemaal niet meer open voor hulp.

Veel mensen hebben hun kindertijd niet verwerkt, waardoor ze het leven niet zelden als hopeloos ervaren. Ze mochten bijvoorbeeld geen fouten maken. Deden ze iets goed, werden ze omringd met waardering, complimenten en liefde. Wisten ze zich net niet helemaal waar te maken, kregen ze kritiek en reageerden volwassenen hard en afwijzend. Als volwassene lijden ze aan perfectionisme en putten ze zichzelf uit. Hun bestaansrecht hangt ervan af, voor hun gevoel.
Therapie die de invloed van ervaringen in de kindertijd erkent, kan helpen om het verleden los te laten en inzicht te krijgen in hun werkelijkheid.
Ook als sombere gevoelens uit het niets lijken te komen, heeft praten zin en samen zoeken naar de oorzaak. En sommige mensen hebben gewoon een intens gevoelsleven, met hoge pieken en diepe dalen. Daar hoeft niets mis mee te zijn.

Geschreven door Sarah Morton

Website: http://www.dus-sarah-morton.info/

Hoe onschuldig is een fopspeen?

pacifier

Hoe onschuldig is een fopspeen?

Graag zie en hoor ik baby’s en peuters kletsen, zingen, lachen van plezier en de wereld begroeten.

Ook verdriet en boosheid uiten is gezond.
Kinderen die een stem hebben, zijn in mijn beleving relaxter, bijdehanter en hebben een betere woordenschat dan kinderen die stil gehouden worden. Ze kunnen duidelijk maken wat ze willen en hoeven geen emoties op te kroppen. Zij hebben meer contact met de omgeving en leren daardoor ook meer. Ze doen meer positieve ervaringen op.

Zelf ben ik zonder fopspeen opgegroeid, waar ik heel blij mee ben. Ik moet er niet aan denken dat iemand mijn stem dempt, zodra ik van me wil laten horen.
Ik begon pas te praten toen ik twee jaar was. Hoewel ik een rustig en dromerig kind was, deelde ik wat er in mij omging en zong en sprak ik vrijuit. Ik kon mensen aan het lachen maken en zij mij.
Ik was bezig de ‘wereld’ te verkennen en betrok mensen daarbij door dingen te benoemen.

Jonge baby’s (tot drie maanden) hebben een sterke zuigreflex en sabbelen niet zelden op hun duim of vingers, terwijl de honger al gestild is.
Borstgevoede baby’s kennen dit probleem nauwelijks, omdat ze meer hun best moeten doen om de melk eruit te krijgen, dan flesgevoede baby’s. Ook trainen ze hun tong, lippen en wangen, waar ze later profijt van hebben. Woorden leren ze makkelijker uitspreken.
Een voeding aan de borst duurt algauw een kwartier tot een half uur, terwijl een fles vaak al naar een paar minuten leeg is.
(Het ligt er wel aan wat voor fles en speen.
Als een kind steeds een klein beetje uit de borst drinkt, duurt het korter achter elkaar)
Duimen zou een reden zijn om een fopspeen te geven, want dat laatste is makkelijker af te leren. Een kletsargument. Ik zie weinig kinderen de hele dag met hun duim of vingers in hun mond. Waarom dragen kinderen wél dag in, dag uit een fopspeen, en niet gewoon een half uurtje of alleen als ze gaan slapen?
Een duim is ook moeilijk op te dringen. Kinderen duimen naar behoefte. Ook foetussen doen dit al. Ze kunnen zich even terug trekken of willen zichzelf kalmeren. De kans op scheve tanden is groter met een fopspeen dan met hun eigen duim.

Waarom zitten peuters en zelfs kleuters met een speen in hun mond? Zo kunnen ze zich niet verstaanbaar maken. Ja, ze kunnen het ding uit hun mond halen, maar als ze iedere keer dat ze huilen of roepen het zoethoudertje* krijgen, vatten ze dat op als: “Houd je stil.”
Baby’s die dag in, dag uit iets in hun mond hebben, brabbelen minder. Er is minder interactie tussen kind en volwassene. Ook de woordenschat heeft eronder te lijden.
Het kind keert in zichzelf en doet niet echt mee. Het maakt een ‘autistische’ indruk.
Jonge kinderen (tot drie jaar) steken van alles in hun mond. Zo onderzoeken ze hun omgeving. Een fopspeen belemmert hun verkenningsdrang, zeker als iemand het ding meteen weer aanreikt, zodra het kind het laat vallen. Het schaadt de geestelijke ontwikkeling van een kind.

Kinderen ontwikkelen controlepatronen om hun gevoelens te onderdrukken, als hun aandacht steeds afgeleid wordt van waar het om gaat.
Een koekje bij een geschaafde knie, in plaats van het kind te laten uithuilen en liefdevol op te vangen. Een fopspeen als het eigenlijk honger heeft of aandacht en nabijheid nodig heeft.
De basis voor emotie-eten en verslavingen als roken.
Ergens op zuigen helpt iemand om spanningen de baas te blijven.

Ook zou een speen kinderen een veilig gevoel geven.
Maar een stil kind is niet per se een ontspannen kind.
Vaak zit het kind gewoon op slot en zie ik angst, onzekerheid en frustratie in het gezicht.
Deze kinderen jengelen meer, omdat ze niet goed hun behoeften kenbaar kunnen maken.

Een teddybeer kan een kind ook geruststellen. Het is een soort vriendje.
Vaak durft een kind in zijn eigen bed te slapen, zolang hij zijn knuffel heeft.
Het ondersteunt de stappen naar zelfredzaamheid.
Een knuffelbeest kan uiteraard geen liefdevolle ouder vervangen.

Huilen is een manier om zich te bevrijden van pijn.
Wanneer het liefdevol beantwoord wordt, zal het kind sneller herstellen van een valpartij, tegenslag of verlies.
Kinderen die geen verdriet, angst, woede of teleurstelling mogen uiten, blijven er langer in hangen.
Ze zijn gespannen, bedrukt, droevig of boos.

Er is een duidelijk verband tussen emoties onderdrukken en ziekten.
Door de voortdurende en onopgeloste spanning, raakt het lichaam uitgeput en is vatbaarder voor infecties, hart- en vaatziekten en zelfs kanker.
Het innerlijke alarm blijft afgaan.
Ook kunnen kinderen depressief worden of heftige stemmingswisselingen krijgen.
Hun lichaam staat onder druk en komt niet toe aan herstel. Emoties en ervaringen slaan naar binnen en worden niet gedeeld en opgelost.

Soms zie ik de ouders met het ene kind een leuk contact hebben. Ze gaan in op wat hij vertelt, ze lachen samen en kunnen elkaar aankijken.
Als het jongste kind contact probeert te maken, door te kraaien, roepen of huilen, krijgt het alleen een speen in zijn mond gestopt en verder geen aandacht.

Onlangs zag ik twee leidsters met wandelwagens waar wel zes kinderen in pasten. De kinderen keken angstig.
De twee meiden waren in gesprek, zonder naar de kinderen om te kijken.
Misschien was het van de kinderopvang of waren het uit huis geplaatste kinderen, dat weet ik niet.
Een baby van 6-8 maanden begon erbarmelijk te huilen.
De vrouw duwde met kracht (wat voor een kind geweld is) een neptepel in zijn mond.
Het kind kreeg het zwijgen opgelegd, in plaats van troost.
Mijn hart huilt bij zulke gevoelloosheid.
Ik zei nog: “kinderen missen verbondenheid in hun leven. Ze willen gezien en gehoord worden.”
De jonge vrouw glimlachte slechts arrogant en knikte.
Wie heeft verzonnen dat een stuk siliconen of rubber (met een plastic kap om inslikken te voorkomen), liefdevolle nabijheid kan vervangen?
Waarom zou je trouwens dit dierbare gezichtje willen afdekken? Het ziet er niet uit, alsof er een pleister voor zit.
Of weet ik gewoon niet waarover ik praat?

Foppen betekent “in de maling nemen.”
Als kinderen ergens op sabbelen, hebben ze misschien wel honger.
Een namaaktepel kan hongergevoelens onderdrukken en wordt ook vaak gebruikt om de tijd tussen twee voedingen te overbruggen. Als de baby minder vaak aangelegd wordt of zelfs nog niet goed heeft leren drinken, komt de borstvoeding ook in het gedrang. De melkproductie is namelijk een kwestie van vraag en aanbod. Hoe vaker het kind mag drinken, hoe eerder er weer melk aangemaakt wordt.
Veel lactatiekundigen hebben dan ook bedenkingen bij het gebruik van de speen.
Baby’s die steeds ‘gefopt’ worden, vragen minder vaak om een voeding en blijken ook minder lang borstvoeding te krijgen.
Moedermelk blijft de beste voeding, het is perfect afgestemd op de behoeften van het kind. Het beschermt het kind tegen ziektekiemen en ondersteunt het immuunsysteem.
Het ondersteunt de band tussen moeder en kind, door het huid-op-huidcontact. Het kan echt een rustmoment zijn. Er is aandacht voor elkaar, een moeder kan het kind niet in een wipstoeltje laten zitten.
Binnen natuurvolkeren hebben baby’s vaker de borst tot hun beschikking. In veel gevallen kunnen ze naar behoefte drinken. Daar krijgen kinderen ook twee jaar of langer borstvoeding.

Een fopspeen zou de kans op wiegendood verkleinen.
Misschien omdat het kind door de neus ademhaalt of omdat het rustiger in slaap valt (niet zichzelf in slaap huilt).
Deze wonderbaarlijke eigenschap is echter nooit bewezen.
Van moedermelk is wel bewezen dat het beschermt tegen wiegendood en een fopspeen brengt de borstvoeding juist in gevaar.

Ook ouders worden gefopt. Een speen lijkt een onmisbaar hulpmiddel, waar het in werkelijkheid een repressiemiddel blijkt te zijn.
Kinderen raken snel gewend aan hun speen en ‘kunnen’ dan niet meer zonder. Raken ze het kwijt, gaan ze huilen en willen ze niet slapen voordat de ouder het ding terug gevonden heeft.
Sommige kinderen (ook kleuters) willen hun speen ook overdag niet meer afstaan.
Het is een verslaving, die een gepaste behandeling verdient.
Hoe kan een kind het beste afkicken?
In plaats van de namaaktepel te geven om honger of verdriet te stillen, het kind liefde, voeding en aandacht geven.
Kinderen laten weten dat ze hun gevoelens mogen uiten, echt luisteren en hun ervaringen en uitingen serieus nemen. Liefdevolle armen doen meer wonderen dan een lapmiddel.
Een verslaving afwennen kan ‘cold turkey’ of stapje voor stapje.
Het onding weggooien of het alleen nog op bepaalde momenten geven en het steeds verder afbouwen. Het kind uitleggen waarom het geen speen nodig heeft.
De ouders kunnen begrip tonen als het kind om z’n speen vraagt, maar erop vertrouwen dat zij op de goede weg zijn en het kind beter af is zonder.
Welke tactiek het beste is, ligt ook aan de situatie en aan het kind.

Een baby wil niets liever dan warmte, affectie en nabijheid. Moeders huid voelen en haar hartslag en stem horen. Warme melk uit háár borst. De kleine voelt zich nog één met de moeder.
Later willen kinderen deelnemen aan het sociale leven. Zij willen samen kletsen, lachen en zingen.
Ook tranen van een kind maken iets duidelijk.
Wat kinderen ons te vertellen hebben, kan heel leerzaam zijn. Zij zijn puur en eerlijk en houden ons ook een spiegel voor. Zij reageren op onze gevoelens, houding en leefwijze. Die imiteren ze of ze laten juist zien hoe het anders kan.
Een eigenwijs kind met een sterke wil, laat ons zien dat we ook meer ons eigen gang mogen gaan en voor onszelf op mogen komen.
Als we in die spiegel willen kijken.

*(vroeger letterlijk, want soms werd het gedoopt in suikerwater, honing of sterke drank)

Geschreven door: Sarah Morton

Website: http://www.dus-sarah-morton.info/

Links:

www.mens-en-gezondheid.infonu.nl/kinderen/79488-pas-op-met-de-fopspeen.html

www.natuurlijkouderschap.org/wennen-babys-van-nog-geen-jaar-zich-zelf-af-van-de-borst/

www.kennislink.nl/publicaties/speen-en-duim-slecht-voor-spraakontwikkeling

www.borstvoeding.com/columns/gefopt.html

www.eurolac.blogspot.nl/2011/04/fopspenen-zoethoudertjes-en-substituten.html

www.mediplan.nl/BorstvoedingsfolderKlein%20pdf%202013.pdf

www.borstvoeding.com/kindjeaandeborst/kraamtijd/tepelspeenverwarring.html

www.borstvoeding.com/columns/caged.html

www.borstvoeding.com/kindjeaandeborst/peuter-voeden/de-natuurlijke-speenleeftijd-of-stoppen-met-borstvoeding.html

www.zielenknijper.nl/een-code-in-plaats-van-pillen.html

www.eft-therapiejeevania.nl/1/5/wetenschappelijkonderzoek.html